My totally subjective view on the world we live in

Laatste

Parkeerprutsers/-patsers

Rij op een willekeurige zonnige zondagmiddag naar Scheveningen (of op een zaterdag naar een supermarkt) en je komt ze tegen: de parkeerprutsers en de parkeerpatsers.

De eerste groep is alom gevreesd door autoliefhebbers (die zich in de meeste gevallen zich kronen tot koning van de tweede). De prutsers staan scheef, dubbel geparkeerd, met hun velgen tegen de stoeprand, of zo dicht langs andere auto’s geparkeerd dat ze niet zonder littekens achter te laten normaal uit de auto stappen. Uberhaupt zwaait deze groep hun deuren open, zonder op of om te kijken of ze daarbij wellicht andere weggebruikers raken. Je kan leden van deze eerste groep al ver van tevoren spotten. Tijdens hun zoektocht naar een mogelijk plekje stoppen ze willekeurig, zonder waarschuwing, midden op straat, omdat een geparkeerde Smart achter een Mercedes GL ze het idee gegeven heeft dat er nog een plekje vrij was. Op het moment dat je deze weggebruiker wil passeren, ziet deze de Smart toch staan en trekt ook net weer op. Het zijn in het verkeer einzelgangers eerste klas.

De tweede groep zijn vaak mannen (nog vaker vaders) in de leeftijd van 25 t/m 40. Zelfbetitelde ‘ervaren rijders’ met een auto die bovengemiddeld groot is, bijvoorbeeld een Chrystler Grand Voyager. Op zo’n typische zondagmiddag op de boulevard van Scheveningen zie je ze overal. Het nadeel is dat hun prestigieuze bezit op vier wielen niet normaal te parkeren is in de krappe parkeerruimtes die nog beschikbaar zijn. Wanneer deze dan toch een parkeerplaats spot waar hij mogelijk in past, laat hij zijn passagiers uitstappen. Vooral wanneer deze hem tegen spreken, bevestigt hij nogmaals dat “het wel gaat lukken”. Hij stopt de Grand Voyager naast de Peugeot die voor de open plek geparkeerd staat en zet de auto in zijn achteruit. Hij kijkt om zich heen en ziet dat er inmiddels meerdere toeschouwers zijn die hem in de gaten houden, waaronder de eigenaar van de Peugeot. Met zweetdruppels op zijn voorhoofd begint hij met inparkeren en na minstens 5x steken is het dan toch gelukt. Triomfantelijk stapt hij uit en hoort vervolgens: “Pap, kijk, die Peugeot gaat weg! Als je nou even had gewacht.”

Het A-woord

Soms lijkt het net alsof mijn hele leven alleen maar in het teken staat van de auto. Ik werk met auto’s, privé ben ik bezig met auto’s, mijn bladwijzers in Firefox bestaat voor de helft uit autosites en zelfs als als ik even helemaal niets te doen heb, dan kijk ik het liefst op tv naar programma’s als Top Gear of lees ik een magazine over auto’s. Hoewel ik zelf beweer dat het soms niet zo is, ben ik er eigenlijk altijd mee bezig.

Het nadeel is alleen dat er maar weinig mensen zijn die de passie voor auto’s zo diep in hun leven geworteld hebben als mij en dat werkt niet latijd in je voordeel. Zeker in deze dagen, wanneer een verbruik van meer dan 1:15 al snel als schande wordt bestempeld en de auto steeds meer een melkkoe van de overheden wordt, begint voor veel mensen de lol er van af te raken en is het A-woord bijna een taboe geworden. Begrijp me niet verkeerd, dat is volkomen logisch. Maar af en toe moet die passie voor die dingen op vier wielen gedeeld worden en een extra middagje sleutelen of poetsen helpt dan niet. Des te leuker was het voor mij om op donderdag 14 oktober een dag door te kunnen brengen met alleen maar mensen om mij heen die net zo besmet zijn met hetzelfde virus als ik. Op het circuit van Zandvoort mochten 100 Top Gear prijswinnaars (waaronder ik dus) een dag doorbrengen in Lamborghini’s, Aston Martin’s, Porsche’s en andere snelle bolides. Een dream come true voor eigenlijk iedereen die daar rondliep en -reed.

Ik kan weer rustig ademen. De komende tijden houd ik de autofanaat in mij weer koest. Back to reality. Wellicht krijg ik zo’n kans zelfs nooit meer. Maar er is niemand die ooit dat gevoel van vol gas in een Lamborghini Gallardo van mij kan afpakken…

 

Ik in de Lamborghini Gallardo

Roes

Het lijkt de laatste tijd wel alsof ik in een roes leef. Sinds een paar weken, misschien anderhalve maand, volgt het ene na het andere goede nieuws zich op. Een paar maanden geleden nog leek het wel alsof de weken voorbij kropen en er niet veel spannends gebeurde. ‘s Avonds zaten mijn vrouw en ik op de bank en we waren ons “standaard” leventje een beetje zat: onze woning (sociale gallerijflat) was niks meer, onze banen waren we zat, we waren Nederland even zat. Kortom: we hadden zin in een nieuw avontuur. En dat nieuwe avontuur hebben we gekregen! (Of zoals een vriend van mij gisteravond zei: be careful what you wish for, you might just get it!)

Het goede nieuws begon met mijn afstuderen: een 8 voor mijn stage en mijn scriptie. Ik had het zelf niet gedacht, maar wel gehoopt en ben er ontzettend blij en trots op! Daarna kregen we (via diezelfde vriend) ineens een woning aangeboden. Het is een ontzettend mooi huis, met een tuin én een garage (wat ben ik daar blij mee!) én een bad (wat zijn we dáár blij mee!). En we hoefden bijna niets te klussen, we konden er zo in. Alsof dat nog niet genoeg was, hebben mijn vrouw en ik beiden uitzicht op een nieuwe baan (zij kan zelfs kiezen binnenkort!). Sinds vandaag ben ik officieel aangenomen om voor een groot Duits automerk te gaan werken. Het ligt precies in m’n straatje en ik kan niet wachten om te beginnen! En last but not least zien we uit naar een geweldige vakantie waar we eigenlijk al jaren naar uitkijken: een maand (!!) lang naar Californië om o.a. familie te bezoeken, maar vooral rond te reizen. Een huurauto is geboekt (go mental, it’s a rental!) en we hebben een globaal plan voor waar we ongeveer heen willen, maar zullen vooral daar per dag beslissen wat we gaan doen.

Ik en een vriend tijdens onze road-trip door Californië in 2004

In 2004 was ik voor het laatst in Californië, samen met een vriend sta ik hier langs de waanzinnige kust waar Highway 1 langs loopt. (Had de modepolitie mij niet even wakker kunnen schudden?)

Al met al veel om naar uit te kijken en veel, heel veel om dankbaar voor te zijn! Does life get any better than this?

Komkommertijd

Ieder jaar tijdens de komkommertijd (nu dus) komen de standaard berichtjes weer voorbij: de ontsnapte dieren uit dierentuinen (dit jaar zijn het de pelikanen die massaal het luchtruim kiezen) of de onzinnige records die het Guinness Book of World Records halen (wereldrecord insmeren???). Maar wat mij altijd opvalt is dat er vooral veel autogerelateerde berichten het nieuws halen.

Zo las ik vorige week dat je blijkbaar met 8 man in een Ford Focus past. (Waarom nog een S-Max of Galaxy kopen?). En zag ik een schaamteloos stereotyperend artikel in de Telegraaf over vrachtwagenchauffeurs op het truckerfestival met meer bierinname dan een gemiddeld voetbalstadion (en dan moesten ze ‘s avonds ook weer naar huis rijden…).

1 op de 3 caravans zijn te zwaar beladen, blijkt uit een zeer representatieve (ahum) steekproef van maarliefst 51 caravans. Ik schat dat wanneer de steekproef vergroot wordt, het aantal te zwaar of verkeerd beladen caravans zo rond de 1 op 2 zal komen te staan. En wanneer het onderzocht zou worden, de meeste files tijdens de zomermaanden veroorzaakt blijken te worden door diezelfde caravans die verkeerd of overbeladen waren en vervolgens met 80 km/u bij een rijbaanwisseling gaan scharen.

Over caravans gesproken: kan iemand mij vertellen wat daar de lol van is? Met z’n tweeën (of je hele gezin, ik moet er niet aan denken) in een veel te kleine ruimte bivakkeren met gebrek aan alle luxe, maar nog niet zo spartaans als écht kamperen. Bovendien ben je gebonden aan campings waarbij je je eigen toiletpapier mee moet nemen en je maar hoopt dat de vorige bezoeker van het toilet dat niet vergeten was. Laat staan de reis er naar toe: helemaal naar Zuid-Frankrijk met een slakkengangetje van 80 km/u (en de kofferbak vol toiletpapier)? Mij niet gezien…

Voorspelling van de uitslag

Vanavond is dan eindelijk de finale waarin Nederland Spanje zal moeten verslaan om een herhaling van de geschiedenis te voorkomen. Heel het land, heel de wereld is in de ban van het WK voetbal.

En wat gebeurt er als er massaal wordt uitgekeken naar de uitslagen? Mensen wenden zich tot diegene met de voorspellende gave. Dit keer geen Jomanda’s, Olgervilles of andere mensen die hun zogenaamde zesde zintuig verder ontwikkelt hebben dan anderen. Nee, Paul de octopus en Mani de parkiet voorspellen de wedstrijden. En als we hun mogen geloven, wordt het een spannende en lange wedstrijd vanavond. Paul voorspelt winst voor Spanje, Mani voor Nederland. Toch kunnen we volgens de voorspellingen van deze helderzienden hopen op een winst voor Nederland: Paul voorspelde het EK van twee jaar terug ook helemaal correct, tot de finale, die had hij fout.

Vanochtend vond ik een grote rups tussen de tuinkruiden op ons balkon. Het was een ongewoon gifgroene rups. Ik pakte snel twee vellen papier en schreef op de één NL en op de andere ESP en legde op beide vellen wat van zijn favoriete tuinkruiden. De rups kroop langzaam maar zeker richting het vel met ESP en begon van de blaadjes te eten. Teleurgesteld dat ik was, wilde ik weer naar binnen gaan. Tot er ineens een grote vogel aan kwam vliegen en de rups in één hap naar binnen werkte. De vogel hupte vervolgens naar het blad met NL en bleef me daar aan staren. Zou het dan toch?

Het beste plekje in de zon

Nu de eerste hittegolf sinds jaren aangebroken in Nederland, zoekt het hele land het beste plekje in de buitenlucht om te kunnen genieten van dit zeldzame weer én af te koelen. Meestal vertaalt zich dat in een massale file naar het strand en overpuilende terrasjes. Zwemspullen en zonnebrandcreme zijn niet meer aan te slepen. Lang leve de zomer!

En ondanks dit mooie weer bekruipt mij een gevoel van gemis. De afgelopen 5 jaar heb ik altijd het beste plekje buiten voor de deur gehad. Sterker nog: overal waar ik heen ging kon ik het beste plekje in de zon meenemen. Het enige wat ik hoefde te doen was instappen. Volgens mijn vader was het the ultimate tanning machine: mijn Toyota MR2.

Afgelopen winter was toch het moment aangebroken waarvan ik dacht dat het nooit zou gebeuren. Meer behoefte aan ruimte, comfort, bruikbaarheid en een te beperkt budget voor een tweede auto deden hem de das om en al snel meldde zich een koper. Ook al mag ik nu zeker niet klagen met een full options auto, het is geen ultimate tanning machine. Er is nog geen moment geweest dat ik zin had om gewoon lekker een stuk te gaan toeren in mijn huidige auto, terwijl ik dat toch regelmatig deed met de 2. Als ik nu over de Scheveningse boulevard zou rijden (of in de file daarheen), dan zou ik uitblinken in anonimiteit.

Helaas, maar rouwig ben ik er niet om. De hittegolf zal spoedig plaats moeten maken voor meer Nederlands weer en het gemis zal dan snel verdwijnen. De Nederlandse nuchterheid is ook bij mij ingeburgerd.

Falend auto beleid?

Vanmorgen lees ik een artikel op nu.nl: “Populariteit auto bedreigt bereikbaarheid“. Volgens een verschenen rapport ‘Wie ik ben en waar ik ga’ is de populariteit van de auto nog steeds hoog en een conclusie luidt: “indien het beleid voor het autogebruik niet verandert, zal de populariteit van de auto onverminderd hoog blijven en de populariteit van het openbaar vervoer en de fiets onder druk komen te staan.”

Hier wil ik even op inhaken. Het falende beleid t.a.v. openbaar vervoer is juist wat ervoor zorgt en zal blijven zorgen dat de populariteit t.a.v. de auto hoog zal blijven, niet andersom. Afgelopen Koninginnedag was voor mij het ultieme voorbeeld hiervan.

We (mijn vrouw en ik) gingen naar Den Haag om daar Koninginnedag te vieren met haar broer en schoonzus. Omdat wij niet wisten hoe druk het zou zijn in Den Haag met verkeer en mogelijke wegafsluitingen, kozen wij ervoor om het openbaar vervoer te nemen. Eerst kochten we twee kaartjes voor de trein: € 28,40 (en dat is inclusief 40% korting!). De overstap op Utrecht Centraal hadden we bijna 20 minuten overstaptijd, waardoor we er bijna anderhalf uur over deden om op Den Haag Centraal te komen. Daarna nog de tram: 2x 6 strippen om heen- en terug te komen (geen idee wat dat nog in ov-chiptaal is) plus een reistijd van bijna 20 minuten inclusief overstap van de trein naar de tram.

In totaal dus bijna een 2 uur durende heen- en terugreis op oncomfortabele zitplaatsen, plus ongeveer 40 euro aan kosten. Waren we met de auto gegaan, dan hadden we een comfortabele reis gehad, waren we er binnen een uur aangekomen (het viel allemaal erg mee met de drukte op de weg en er waren op onze route geen afzettingen) en hadden we ongeveer 15-20 euro aan benzine verbruikt.

Twee keer zo duur en twee keer zo lang. En dat terwijl het OV-traject bijna de hele weg parallel loopt aan de weg. Dat noem ik een falend beleid. Ik stel voor dat de beleidsmakers een half jaar op stage gaan (tegen een studenten stage vergoeding uiteraard) in Japan of Hongkong. Daar schijnt het OV wél populair en effectief te zijn.

Rommelmarkt anno 2010

Ik weet nog goed hoe leuk ik Koninginnedag vroeger vond. Ik ging ieder jaar met m’n broertje op de markt spullen verkopen. Zo zochten we het hele jaar naar golfballen in het bos bij mijn opa en oma (er was een oefenrange in het bos en ze sloegen de ballen nog wel eens over het net het bos in). Deze ballen verkochten we dan op de rommelmarkt: kwartje per stuk, 5 voor een gulden. Dat liep als een trein!

De markt was het domein van kinderen die samen met hun ouders daar zaten om hun op zolder gevonden rommel te verkopen. Wie het eerst kwam, had het beste plekje. Verschillende oude dekens en kleden kleurden de grond waar de knuffels, speelgoed en oude kleding werd uitgestald. Koffie en koek kon je bij elk kraampje kopen voor 50 cent. Je hoorde kinderen muziek spelen op blokfluiten of violen, zag overal grabbeltonnen en ouderwetse spelletjes als koekhappen of appels happen in een bak met water. Iedereen en alles was oranje verkleed. En aan het eind van de dag kon je overal alles voor een gulden meenemen, want niemand wilde zijn oude spullen nog terug meenemen naar huis.

Tegenwoordig is de rommelmarkt niet langer het domein van de kinderen. Ja, ouders staan er nog wel met hun kinderen, maar de lokale marktkoopmannen, buitenlandse handelaren en zigeuners hebben de markt ook ontdekt en beginnen ze steeds meer te verdringen. De koffie en koek van 50 cent zijn vervangen voor Turkse pizza’s en broodjes hamburger van 3,50 p/s. De kleedjes worden langzaam vervangen door professionele kramen. De speelgoed en oude kleding voor verdachte elektronica en (neppe) merkkleding met prijskaartjes eraan. Met minder dan 20 euro op zak kom je nergens en grote kans dat je nog opgelicht wordt ook.

Ik ben niet een man van tradities en oude gewoontes, maar ik verlang toch terug naar de onschuldige rommelmarkt van tien jaar geleden.

Op naar het extreme!

Wat een winter was het! Nu de lente weer in zicht is, kunnen we terugkijken op een geweldige winter, een échte winter! Met veel kou en sneeuw! Goed, voor sommigen is het misschien wat te extreem geweest, maar ik vond het geweldig!

Naast mijn passie voor auto’s heb ik ook een passie voor (extreem) weer. Niets is voor mij zo fascinerend als het weer. Het begon allemaal toen ik ongeveer 9 jaar oud was. Ik moest een spreekbeurt houden. Omdat ik geen onderwerp kon bedenken (ik had geen hond), ging ik naar zolder en bladerde de verzameling National Geographics door van mijn vader. Toen ik een artikel las over tornado’s, wist ik het: daar moest mijn spreekbeurt over gaan! Ik verzamelde alle plaatjes die ik kon vinden, stelde een spreekbeurt op en nam een aflevering over extreem weer op van The Discovery Channel. Ik had de coolste spreekbeurt van de klas.

Maar het extreme weer heeft me nooit meer losgelaten. Ik ging meer en meer lezen over onweer, orkanen en andere extreme weersomstandigheden. Aan het eind van de middelbare school werd het zelfs het onderwerp van mijn profielwerkstuk. Het weer had mij helemaal in zijn greep. Een paar jaar terug, tijdens een rondreis door de staat Californië in de V.S., zag ik ineens overal dust devils opwaaien.

Daarom heb ik ook zo genoten van de afgelopen winter! Kou, wind, sneeuw, ijs, het hele pakket hebben we gehad met af en toe zelfs een Polar Low die op de loer lag. Het enige wat voor de echte winterliefhebbers nog ontbrak, was de Elfstedentocht.

Maar de lente is nabij en de temperaturen stijgen weer. Het ziet er naar uit dat de winter nu op zijn retour is en ik vind het prima. Want met het warmere lenteweer stijgen ook de onweerskansen weer. 2009 was een heel goed jaar voor onweer, met als hoogtepunt de nacht van 25/26 mei. Het hele land had toen te maken met een aantal extreem krachtige onweersbuien, met een zeldzame hoeveelheid van ongeveer 80.000 bliksemontladingen! Als we alleen al een herhaling van vorig jaar krijgen, ben ik zeer tevreden. Bij zo’n storm check ik alle data thuis en stap zo snel mogelijk in de auto om de storm te chasen.

Volgende week begint dan ook een nieuw seizoen van mijn favoriete serie op Discovery Channel: Storm Chasers. Man, wat ben ik jaloers op die gasten… Nu nog wachten op mijn eigen eerste home video van een tornado!

De 3 auto’s van 2010

2010 belooft ook op autogebied een spannend jaar te worden. Er staan een aantal bijzondere nieuwe auto’s in de startblokken, maar het is maar de vraag of alles uitkomt. De economische crisis heeft namelijk flink wat roet in het eten gegooid. Kijk maar naar Saab, ondanks dat het merk de afgelopen jaren niet noemenswaardig heeft bijgedragen aan de auto-industrie, zou het toch wel raar zijn als dit unieke merk ophoudt met bestaan.

Hierbij de drie auto’s waar ik het meest naar uitkijk in 2010:

1. De nieuwe BMW 5-serie

BMW 5

Weinig automerken maken tijdens het rijden zo veel bij me los als BMW. Vroeger vond ik het wel mooie auto’s, maar sinds mijn grootvader dertien jaar geleden een nieuwe 528i had gekocht, ben ik weg van het merk, de bouwkwaliteit en vooral de rij-eigenschappen. In het vorige model 5-serie, die alom bekritiseerd is om het nieuwe design, heb ik veel kilometers gemaakt en vooral de 535d heeft een diepe indruk op mij achtergelaten. Wat een machine! En het design heeft mij vanaf dag 1 aangesproken, juist omdat het anders was. Zelfs nu spreekt het ontwerp mij meer aan dan de nieuwste A6 of E-klasse. Over het nieuwe ontwerp ben ik nog niet uit, net als bij de X1 heeft deze auto een stompe neus en lijkt daardoor minder gestroomlijnd dan het vorige model. Deze maand ga ik de auto in het echt bekijken tijdens Nederlandse preview. Ik ben benieuwd!

2. De nieuwe Saab 9-5

Saab 9-5

Wat zou het zonde zijn als Saab stopt! GM: alsjeblieft, neem het bod van Spyker en hou Saab in leven! Want zeg nou zelf, deze geweldige auto moet gewoon geproduceerd worden! Ik heb hem in het echt bewonderd op de IAA in Frankfurt en vind hem geweldig! Het strakke ontwerp, de mooie daklijn en scherpe A-stijl, de nonchalante neus en het eigenwijze interieur: alles klopt aan deze auto. Oké, ik ben een beetje bevoorrecht sinds ik zelf een Saab 9000 heb gehad. Maar ik moet zeggen, dat was één van mijn fijnste en best rijdende auto’s. Saab is een merk dat door de jaren heen sterk onderschat is en ook vandaag de dag niet de waardering krijgt die het zou moeten krijgen. Hopelijk lukt het Spyker om het merk te behouden en komt deze auto in de lente op de Nederlandse wegen.

3. Fisker Karma

Fisker Karma

De Fisker Karma is waanzinnig. Het ontwerp, de prestaties, alles! En nog verantwoord ook. Als deze in productie gaat (als het goed is dit jaar), zou hij met 14% bijtelling op de Nederlandse markt kunnen komen, voor een prijs waar geen enkel ander merk aan kan tippen. Zo groot als een BMW 7, zo schoon als een Toyota Aygo. Eindelijk een mooie, grote, supersnelle en superdeluxe, milieuverantwoordelijke auto. Eat my dust, Prius! Dit is de toekomst!

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.